vrijdag 28 maart 2014

ZEELAND - Literaire reis langs het water




Wind, havens, vertes, de liefde én de angst voor het water; aan deze greep uit de zak met kernwoorden die Zeeland bepalen wordt in onderhavige bloemlezing ruimschoots voldaan. Een hoogtepunt is al meteen de inleiding met 30 blz. van Francisca van Vloten. Het zou niet moeten maar feit is dat de kwaliteit hiervan die van nogal wat opgenomen gedichten en prozafragmenten overtreft.
De bijdragen zijn van in Zeeland geboren en getogen auteurs als Hans Warren, Johanna Kruit en Hans Verhagen maar ook van betrokken buitenstanders als J.C. Bloem en Job Degenaar. Behalve de literaire kwaliteit is ook de geografische dekking opvallend ongelijk. Zo is er buiten de inleiding geen aandacht voor Tholen en St.-Philipsland, terwijl daar toch goede literatuur over bestaat. Helaas werd één vers tweemaal opgenomen. Commercieel dik in orde maar poëtisch storend is de reclame van sponsors, elk aanwezig met een grote foto, steeds naast een tekst. Tenslotte valt de kwantiteit tegen: slechts 26 keuzes. Daarom is dit boekje, behalve voor de bibliotheken in Zeeland natuurlijk, niet echt een aanrader.

Hieronder twee van de betere gedichten: een destijds, in 1963, opvallend moderne tekst van Hans Verhagen, gevolgd door een traditioneel vers van Johanna Kruit van latere datum:



ZEEUWSE REPORTAGE

Zeeuwse reportage: Aktueel is de branding,
en natuurlijk het bazalt,
en geen teken van leven geeft de passerende voetstap.

Het zand heeft veel mensenkennis opgedaan,
en 30.000 jaar herinneringen vastgelegd:
geen lamp die deze wiskunde wil lezen.

Ornitologisch of lyrisch klapwiekt de mens voorbij,
schijngestalte v.d. maan uit zijn agenda;
hem gaat geen licht op.



WALCHEREN BIJ AVOND

De dag gaat dicht als een deur. Jij schudt
een sprookje uit je mouw. We lopen
langs het duinpad naar de sterren en open
gaat de nacht. De lage lichten van de kust

beloven meer dan je kunt zien. Een visser staat
met zijn lantaarn aan in zee. Het silhouet
van een geluidloos schip wordt neergezet
tegen de einder en verschuift. Met regelmaat

van enkele seconden zwaait een armvol licht
vanaf de vuurtoren over ons heen. De wind
gaat liggen in een dal, de avond wint
het van de dag. En dan van ver komt er een dicht-

regel van Achterberg over het schaduwpad:
"Aan het roer dien avond stond het hart".




Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, december 2013
Uitgeverij: Achterland



www.alberthagenaars.nl




zondag 23 februari 2014

ROEL RICHELIEU VAN LONDERSELE - De Bruiden




Ter gelegenheid van zijn 40-jarig dichterschap kwam Roel Richelieu van Londersele (1952, Ninove), die ook proza publiceert, voor de tweede keer met een overzicht uit zijn oeuvre van ruim 10 poëzietitels. Ditmaal nam hij uit de eerste 2 bundels slechts één gedicht op en uit de 3e vijf. De andere werden integraal opgenomen. Achteraan staat de nieuwe zesdelige bundel, eveneens ‘De bruiden’ geheten. Hoewel hij al lang actief is, bleef zijn stijl opvallend bestendig. Zijn teksten kennen een regelmatige strofische bouw, eenvoudige zegging en een vaak op dezelfde manier uitgewerkte beeldspraak. Met vallen en opstaan heeft hij deze formule steeds verder verfijnd. Inhoudelijk mag hij de dichter van de relaties genoemd worden. Tegenstellingen worden bij hem niet over en weer uitgeschakeld maar met tal van nuances, door de lezer dus mede te bepalen, onverbrekelijk met elkaar verbonden. O.a. man en vrouw, vader en zoon, landschap en stad, gezondheid en ziekte, leven en dood krijgen zodoende meer diepte dan men verwacht. 'De bruiden' is geen topbundel maar kent wel topgedichten. Van Londersele is een dichter die zijn kavel in ons taalgebied niet alleen hypothecair heeft afgelost maar gezien de hoge kwaliteit van met name de laatste bundel danig in waarde heeft doen vermeerderen. Een bestelling waard, ook nog bij twijfel.




ALZHEIMER

er ligt niets in de zeef van de dag
geen spijker, geen hand, geen boek
hij loopt langs de rand van zijn terugkeer
op zoek naar geleefd en geliefd

en niets nadert, het gras weigert,
zand rukt op, bomen groeien uit elkaar,
de wilgen staan niet bij de beken

hij, de roeier, verlangt naar water:
stroomopwaarts ligt de stad van zijn geheugen



Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, november 2013
Uitgeverij:Houtekiet / Atlas-Contact
Foto auteur: © Albert Hagenaars, 23 februari 2014, Hoboken



www.alberthagenaars.nl




vrijdag 17 januari 2014

NACHOEM M. WIJNBERG - Nog een grap





Pas als je een eind in dit poëzieboek van maar liefst ruim 300 pagina's van Nachoem Wijnberg (1961, Amsterdam) hebt gelezen, besef je het belang van de aanvankelijk zo kleurloze titel. Het is namelijk niet zo dat de dichter grappen in poëzie vertaalt of light verse brengt. Hij blijkt meer geïnteresseerd in gewaarwordingen als ontroering, schrijnend verdriet en vervreemding die vaak ten grondslag liggen aan humor. Niet een bevrijdend lachen staat centraal maar de ruimte waarin dit zo zou kunnen gebeuren, met inbegrip van het verlengde van het gedicht (zie titel dus). Hij gaat regelmatig uit van gangbare grapsettings maar geeft er dan zo'n draai aan, bijv. door onthechting op te roepen, dat je gedwongen wordt na te denken over je eigen positie, identiteit. Het is niet alleen een origineel maar ook dankbaar uitgangspunt. Zoals gewoonlijk bij Wijnberg is beeldspraak ver te zoeken. Zijn teksten lijken uiterlijk op gedichten maar kunnen inhoudelijk ook als verhaaltjes worden benoemd. Dat maakt de werking echter niet minder indringend, al zijn de effecten wel sterker naarmate je fragmenten vaker leest.




Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, november 2013
Uitgeverij: Atlas/contact
Foto auteur: ?

www.alberthagenaars.nl

zondag 15 december 2013

FROUKE ARNS - Mensen die je misschien kent



Het is lang niet elke debutant gegeven met een hoogst origineel geluid te komen. De tweetalige Frouke Arns, geboren in 1964 in het Duitse Handorf, wist hier mede dankzij haar late start wel voor te zorgen. De titel en vooral de omslag (sportschoenen op een radiator) van haar bundel suggereren al welke kant het opgaat: waarnemingen die overgaan in beschouwingen en mogelijkheden. Het proces dat haar over drie afdelingen verspreide gedichten volgen is nooit de enige weg, laat staan de meest waarschijnlijke. Op werkelijk elk moment, vaak al in de eerste regel, kan de lezer geconfronteerd worden met zinsdeelcombinaties en beelden die alleen van een waar talent kunnen zijn. Een voorbeeld van het eerste uitgangspunt: "Ik weet nog hoe ik jou beging". En van het tweede: "Uit de schoot van de man tegenover je groeien chrysanten". Arns overtuigt over de hele linie. Als zij in staat is haar parameters nog scherper af te stellen; de intrinsieke, zeg de poëtische, logica dwingender te maken zónder daarbij minder irrationeel te worden kan zij uitgroeien tot een topdichter. Slotsom: een belangrijk debuut.



HET ZOU VENETIE KUNNEN ZIJN

Weer gedroomd van roedels wolven,
hondsvermoeid mee opgestaan. Deze dag behoeft
een zonsverduistering.
Alles wordt in stelling gebracht: koopwaar
met de beste kant naar boven, straten schoon,
geluid gedempt. Iemand roept iets, gaat verloren
in de schittering van het water.

Zijn je nagels rood gelakt, ook je tenen,
je weet maar nooit wanneer het treft.
Onder de stolp ben je veilig en aan een beetje
honger heeft nog niemand zijn tong verbrand.
Glasmannen stoken de ovens op, uit zand
en vuur dienen wonderen geblazen:
kleine zwanen, schuwe katjes,
vazen voor één roos.






Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, oktober 2013
Uitgeverij: Marmer
Foto auteur: nnb
Illustratie omslag: Karin Smeds / Getty Images






zondag 10 november 2013

FLORENCE TONK - Rijgen



Na een laat debuut met poëzie, gevolgd door een roman, brengt Florence Tonk (1970, Wageningen) nu haar 3e titel. De kwaliteiten zijn duidelijk: ten eerste een natuurlijk overkomend ritme dat de lezer bij meer lengte in een cadans kan brengen, ten tweede een geraffineerde, door nuances gedragen beeldspraak en ten derde een overtuigend samenspel van beide karakteristieken. Weliswaar levert dat niet steevast geslaagde poëzie op maar wel eenheid van stijl. Her en der verspreid zitten verrassende uitspraken: “Er heerste onschuld / van het meest ontwrichtende soort” en “Ooit naaide ze haar onderbroek / in het versleten kruis / van een broek van een man / die ze niet kon krijgen.” Maar saai is Tonk soms ook. Ze hoeft echter, hoewel er reisverwijzingen voorkomen, niet ver van huis te gaan om dramatiek te suggereren. De dagelijks vertrouwde omgeving en meest praktische handelingen volstaan voor haar om er verwondering en conflict mee uit te drukken. Thema's zijn, zowel concreet als symbolisch: groei en teloorgang, liefde en lust, leven en dood, samengevat: vruchtbaarheid op diverse niveaus.


GROOT

Ik was zijn fles
hij roept me weer

en iedere keer
als hij dat doet
antwoord ik rijmend ja
dan zwel ik op, omhoog
word ik reusachtig en gewichtig groot
een boom, het vrijheidsbeeld
met hem als mijn bevrijder

als hij me roept denk ik
niet meer vanzelfsprekend
aan de mijne.







Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, maart 2013
Uitgeverij: Nieuw Amsterdam
Foto auteur: Sophie Eekman
Omslag: Herman van Bostelen


dinsdag 1 oktober 2013

BARNEY AGERBEEK - Schaduw van schijn


De titel geeft met z’n dubbele onbestemdheid en de verwijzing naar het schaduwspel ‘wayang kulit’ al aan dat Barney Agerbeek (1948, Surabaya) geïnteresseerd is in het wezen van dingen en mensen. In twaalf schetsen peilt hij naar beweegredenen en keuzes. Hoewel het oosten c.q. Indonesië (waar de auteur tweemaal woonde) niet in elk verhaal de plaats van handeling is, spelen de waarden ervan constant een rol, vooral in de voor de hand liggende contrasten die Agerbeek mede dankzij zijn Indische achtergrond bekwaam ontvouwt zoals verleden-heden, ratio-emotie, collectief-individueel. Terecht lopen die ook in elkaar over. Helder formulerend en met zowel mededogen als humor roept hij al in enkele lijnen de werelden op waarin zijn figuren opereren. Zijn sociale keuze is elastisch, o.a. sloebers, zakenlui en zowaar de sultan van Yogyakarta komen aan bod. Elk heeft ongeacht de status z'n dilemma's en zwakheden. Agerbeek spaart zichzelf in dit rollenspel niet, wat de identificatie met de lezer versterkt. Voor een debuut is dit niet alleen een boeiend maar ook een opmerkelijk zuiver boek!







Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, juni 2013.
Uitgeverij: In de Knipscheer
Foto auteur: © Galerie / Fotografie Studio Della Bellezza, Culemborg

donderdag 12 september 2013

JASPER MIKKERS - We zijn al lang onderweg



De saai overkomende nieuwe titel van Jasper Mikkers (1948, Oerle) bevat twee elementaire links. De belangrijkste, ‘onderweg’, verwijst niet alleen naar fysiek reizen! De gedichten, deels eerder verschenen, voeren je mee naar o.a. Mongolië, Griekenland, Noord-Afrika en Ierland maar evenzeer naar vragen van spirituele aard, naar verlangen en twijfel. Het tweede element, ‘lang’ duidt op de ontwikkelingsgang van de mens en zijn verschuivend cultuurbeeld. Voor deze twintig, over het algemeen langere, teksten koos Mikkers een verhalende stijl. Daaraan kleven risico’s. In zijn parlando zitten echter maar weinig vale, proza blijvende plekken. Tot de ingrediënten behoren straattaal, humor en treffend benoemde details. Door de metafysisch gerichte binding hiervan worden verre oorden vertrouwd, terwijl dagelijkse beslommeringen diepte verkrijgen. Mikkers bewijst dat schoonheid en verbeelding veeleer voortkomen uit het beschouwen dan uit wat waargenomen wordt, hoe mooi of lelijk dat ook is. Dankzij de rijpe thematiek, nieuwe schikking én stilistische eenheid werd deze bundel zijn beste.

EEN VAAS (fragment)

'Normaal varen ze uit als er geen maan is,' zegt ze.
'De nacht is donker, schijnsel van de lampen lokt

de vissen naar de oppervlakte, maar waarom verlaten ze
het veilig diep voor licht? Een kano, kijk! Nog een.'

Van peddels blinkend in het lamplicht vallen druppels,
glans van mannen bij de boeg, drietand in de hand.

Vol duisternis en bruisen is de branding.
'Over de wortel van een zeeden viel ik,' zegt ze.

'Terwijl ik overeind kwam, uit het grijze zand,
voelde ik de hand van het landschap op mijn schouder.'

Hij denkt aan wat ze eerder zei. 'Een vaas ben ik,
verspreid in scherven lig ik over heel de wereld.'



Geschreven in opdracht van NBD/Biblion, juni 2013.
Uitgeverij: Nieuw Amsterdam.
Foto auteur: © Albert Hagenaars.



www.alberthagenaars.nl